Educatie in de Bemmelse Waard.

De Bemmelse Waard verandert geleidelijk in een mooi natuurgebied, wat nog mooier wordt de komende jaren. De Ambtswaard wordt wederom ingenomen door weidevogels, de bever heeft zich er inmiddels blijvend gevestigd en in de nabije toekomst zullen ook grote grazers als paarden en runderen hier te vinden zijn. 

Het beheer van het gebied zal gericht zijn op het invoeren van de zogenoemde procesnatuur. Procesnatuur is natuur die zijn gang kan gaan zonder ingrijpen van de mens. De overgangsperiode naar procesnatuur zal een tiental jaren nodig hebben.

Dit gebied en deze periode is dus bij uitstek geschikt om mensen kennis bij te brengen van een aantal natuurlijke processen. Stichting Lingewaard Natuurlijk maakt nu al frequent gebruik van de Bemmelse Waard om kinderen de natuur te laten ontdekken, ervan te laten genieten en er met respect mee om te gaan.

Voor de kinderen van basisscholen in Lingewaard worden er veldlessen in de buitengebieden gegeven, onder leiding van onze natuurgidsen. De Bemmelse Waard is hierbij een van de belangrijke doelgebieden. Voor leerlingen van een aantal middelbare scholen worden de lessen biologie en het uitvoeren van onderzoeken werkelijkheid. De Veldschuur is de vaste basis en in de Bemmelse Waard  gaan ze de onderzoeken doen.

Geleidelijk zullen er ook middelen beschikbaar komen die de natuureducatie ondersteunen. Zo zal er een rondgang gecreëerd worden om de recreatieplas heen (het bekende ommetje) voorzien van een vlonder pad/brug, waardoor het voor kinderen mogelijk wordt water- en weidevogels dichter te benaderen zonder deze te storen. In het broedseizoen zal dit pad deels worden afgesloten. Er komt een uitkijktoren, waar de activiteiten van de vogels en andere dieren op de grond waargenomen kunnen worden. Er komen struinpaden door het gebied van de grote grazers, waardoor deze dieren beter bestudeerd kunnen worden.

Een van de meest tot de verbeelding sprekende verschijnselen in het Gelderse rivierenlandschap is de dynamiek van de rivier de Waal zelf. Bij hoog en laag water ziet het gebied er anders uit. Waarbij de verschillende diersoorten deze omgevingsverandering op hun eigen wijze ondergaan, maar ook de flora zich aanpast: zachthoutooibos (wilg, populier) in de lagere delen, hardhoutooibos (eik, iep, els) in de hoger gelegen delen. Het is van belang dat onze jeugd hiervan kennis kan nemen en door aanschouwelijk onderwijs begrip krijgen voor deze natuur. De jongere van nu is de beslisser van morgen!